facebook
twitter
logotype
deco

We hebben 1 gast en geen leden online

img1
img2
img3
img4

Sensorische Informatieverwerking

Sensorische Informatieverwerking (SI)

[lektuur: tekst volgens NSSI; Nederlandse Stichting voor Sensorische Informatieverwerking. website: www.nssi.nl ]

Wat is Sensorische Informatieverwerking?
Sensorisch betekent zintuiglijk. Onze zintuigen geven informatie die wij nodig hebben om te kunnen overleven en te kunnen functioneren in het dagelijkse leven. We moeten ons veilig voelen en ons kunnen aanpassen aan de steeds wisselende omstandigheden. De zintuigen ontvangen informatie van zowel binnen als buiten ons lichaam. Als we het over zintuigen hebben denken we meestal aan de ogen, de oren, de reuk en smaak, de tastzin. Heel belangrijk zijn echter ook onze zgn. “verborgen” zintuigen: het evenwichtsorgaan, het gevoel uit de spieren en gewrichten en het gevoel vanuit onze inwendige organen. Bij activiteiten gebruiken we diverse zintuigen tegelijkertijd. De informatie die via de zintuigen binnenkomt, komt samen in het zenuwstelsel en dit zorgt ervoor dat de informatie goed wordt verwerkt. Zo weten we steeds wat er in ons lichaam en in de omgeving aan de hand is en kunnen we daar adequaat op reageren. Een voorbeeld: als je het stoplicht op groen ziet springen stap je weer op de fiets om door te rijden; je gaat naar de wc als je voelt dat je een volle blaas hebt. De zintuigen spelen ook een belangrijke rol in het regelen van de activatie en alertheid.

SI, activatie en alertheid
Voor iedere activiteit die we doen hebben we een bepaald niveau van activatie nodig, passend bij die activiteit. Via zintuigprikkels kunnen we invloed hebben op de activatie. Iedereen kent zintuiglijke prikkels die rustig maken, of juist actief, of die er voor zorgen dat wij op essentiële momenten niet in slaap vallen. Een voorbeeld is het naar huis rijden na een vermoeiende dag. Iemand die in de auto in slaap dreigt te vallen zet de radio hard aan (gehoor), snuift een scheutje eau de cologne (reuk), neemt kauwgom (beweging, mondactiviteit), zuurballen (smaak) of stopt om even flink te bewegen. Ieder mens heeft zijn eigen voorkeur voor het gebruik van zintuiglijke informatie in het regelen van de activatie en alertheid.
De ontwikkeling van de zintuigen.
De ontwikkeling van de zintuigen begint al tijdens de zwangerschap in de baarmoeder. De zintuigen maken een eigen ontwikkeling door maar werken niet afzonderlijk. Ze beïnvloeden elkaar en zullen uiteindelijk als een geheel moeten functioneren. Een voorbeeld: in een hard optrekkende auto zie je aan de omgeving dat je vooruit gaat, maar tegelijkertijd voel je ook dat je beweegt (evenwichtsorgaan) en dat je in je stoel wordt gedrukt (tast en spier- en gewrichtsgevoel). Wanneer deze zintuiglijke informatieverwerking goed verloopt kun je op een doelbewuste en doelgerichte manier reageren. Een kind waarbij dit proces niet goed verloopt kan veel minder adequaat reageren op zintuiglijke informatie vanuit zijn omgeving of vanuit zijn eigen lichaam. Dit kan problemen geven met allerlei activiteiten in het dagelijks leven. Dit noemen we zintuiglijke informatieverwerkingsproblemen, ook wel problemen in de zintuiglijke prikkelverwerking.

Hoe herken je problemen in de Sensorische Informatieverwerking?
De manier waarop we op zintuiglijke prikkels ervaren en er op reageren verschilt van mens tot mens. We zijn uniek in de manier waarop we prikkels verwerken, zonder dat we ons dat altijd realiseren. We zijn in staat om belangrijke en onbelangrijke informatie van elkaar te onderscheiden en we kunnen daardoor de informatie die belangrijk voor ons is adequaat gebruiken. De zintuigen informeren en helpen ons de hele dag door om doelgerichte en doelbewuste reacties te kunnen geven.
Bij sommige kinderen verloopt de verwerking van informatie die vanuit de zintuigen binnen komt niet zo vanzelfsprekend en soepel als het eigenlijk zou moeten. Zij nemen informatie rommelig waar, ervaren prikkels sterker of juist minder sterk dan hun leeftijdsgenootjes. Binnenkomende informatie wordt niet goed aan elkaar gekoppeld. De samenhang tussen hersenen en gedrag is erg sterk. Omdat een kind met Sensorische Informatieverwerkingsproblemen een minder georganiseerd brein heeft is een groot deel van zijn gedrag ook minder adequaat of georganiseerd.
Sensorische Informatieverwerkingsproblemen komen in allerlei gradaties voor, van heel licht tot zwaar, en zijn per kind verschillend. Ieder kind is immers uniek! Ook kunnen deze problemen voorkomen naast andere stoornissen zoals ADHD (aandachtprobleem met hyperactiviteit), autisme(-verwante stoornissen), NLD (Non Verbal Learningdisorder), DCD (ontwikkelingsdyspraxie) of spraak/taal problemen. Het onvermogen van kinderen om soepel te kunnen reageren op prikkels door problemen in de Sensorische Informatieverwerking is niet door niet willen maar door niet kunnen! Het doet recht aan het kind deze problemen tijdig te (h)erkennen zodat er hulp en begrip komt voor de problemen die het kind daardoor ondervindt.